KAASHOEKGENEALOGIE.NL
©Wim 2001
<
>
Veenhuizen: Maatschappij der weldadigheid. (bijgewerkt t/m maart 2022). Maatje Kaashoek & Cornelis Beeke, met hun kinderen Katharina, Adriana en Willem Izak Page Maria Moeliker Jan van Agteren (Achteren)
HET LEVEN VAN EEN KOLONIST. Wie door het gemeentebestuur van zijn woonplaats was uitgekozen om als kolonist naar Veenhuizen te gaan, moest zich in Amsterdam melden. Van daaruit vertrok twee keer per week een beurtschip naar Blokzijl, aan de overkant van de Zuiderzee. Met dit schip konden de kolonisten meevaren. In de haven van Blokzijl stapten zij over op een platbodem die hen naar Steenwijk bracht. Daar stonden ossenwagens klaar voor de laatste etappe, door het ruige, lege Drentse land naar Norg. Bij aankomst kregen de kolonisten een kledingpakket met onder meer een blauw uniform, hemden, borstrokken, klompen en schoenen. Daarna konden ze hun intrek nemen in hun nieuwe huis. De kolonisten die gewend waren aan een leven in armoede in kleine, bedompte optrekjes zullen niet geweten hebben wat hen overkwam bij het binnengaan van hun nieuwe huis. De woning van 4,5 bij 4,5 meter bestond uit een woonkamer en twee slaapkamers met bedsteden en was volledig ingericht. In de schuur stond gereedschap klaar, waarmee de mannen direct aan de slag konden. Want er moest hard gewerkt worden. In de zomermaanden luidde er om vijf uur een bel op het terrein ten teken dat de kolonisten op moesten staan. Een uur later verzamelden zij zich en trokken het veld in. ’s Winters mochten ze een uur langer slapen. Voor hun werk ontvingen ze stukloon, een vast bedrag voor bijvoorbeeld het omspitten van een roede grond, het maken van takkenbossen of later het aantal gestoken turven. Hierdoor ontstonden er inkomensverschillen tussen de kolonisten. Naast de gemeenschappelijke arbeid, bebouwde de kolonist het perceeltje grond achter zijn huis. De vrouwen leerden spinnen in een spinnerij op het terrein. Als ze deze vaardigheid onder de knie hadden, kregen ze een spinnewiel waarmee ze met hun kinderen thuis wol konden spinnen. Op zaterdag leverden ze hun weekproductie in bij een opzichter en ontvingen daarvoor wat geld. Met zijn werk verdiende een kolonist maximaal drie gulden per week. Van elke gulden kreeg hij 28 cent in handen, 14 cent was bestemd als ‘oververdienste’ (kosten die gemaakt waren voor huisvesting en kleding) en de rest ging naar de collectieve voorzieningen. Na een verblijf van minimaal één jaar kon een hardwerkende kolonist zoveel aan oververdienste opgespaard hebben dat zijn schulden bij de Maatschappij van Weldadigheid afgelost waren, en mocht hij gaan. Dit had een opvoedkundige bedoeling want de kolonisten konden zo de deugden ijver en spaarzaamheid ontwikkelen. De meesten slaagden er echter niet in om de voor hen gemaakte kosten zo snel terug te verdienen. Na een driejarige heropvoeding in Veenhuizen, kon een verpleegde in aanmerking komen voor ontslag. Met een klein bedrag aan geld trok hij weg, in de hoop een nieuw bestaan op te bouwen buiten de kolonie. Vaak was dat geen succes, omdat niemand de ex-verpleegden begeleidde en het verblijf in Veenhuizen niet bepaald een aanbeveling was voor het vinden van werk. Het gebeurde dan ook regelmatig dat een verpleegde als zijn geld op was, verviel tot bedelarij, opgepakt werd en opnieuw gevangen gezet. Veenhuizen was evenals de Ommerschans een mislukking geworden. Het ideaal van de stichter, Johannes Van de Bosch, om zwervers en armlastigen op te voeden tot burgers die zelf in hun levensonderhoud konden voorzien, was te hoog gegrepen. Na overname door de regering werd Veenhuizen een Rijkswerkinrichting en kwam het onder beheer van het Ministerie van Justitie. De Bedelaarskolonie: In 1820 bleek er naast de vrije kolonie ook behoefte te bestaan aan koloniën die bestemd konden worden voor het opnemen van personen van 'minder zedelijk en goed gedrag'. Daarmee bedoelde men bedelaars en vagebonden in het hele land, maar ook gezinnen die niet bedelden, maar ook niet meer waren op te leiden tot een zelfstandig bestaan. Voor deze categorie behoeftigen was immers geen plaats in de vrije koloniën. Voor het onderbrengen van deze mensen en van vondelingen en weeskinderen, sloot de Nederlandse regering een contract met de Maatschappij van Weldadigheid. Met het oog hierop bouwde de Maatschappij in 1820 in het verlaten fort de Ommerschans een van de grootste gebouwen van het toenmalige Nederland. Het gebouw van zeker 100 bij 100 meter telde twee verdiepingen met een binnenplaats met om het gebouw een smalle gracht en een wal. Delen van de schans werden geslecht en geëgaliseerd zodat er meer ruimte voor gebouwen was. In de Ommerschans werden eerst de kolonisten ondergebracht die zich schuldig maakten aan 'zedeloosheid', luiheid of brutaliteit, en vervolgens - na een landelijk bedelverbod - grote groepen bedelaars uit alle provincies. Vanaf 1820 tot 1823 liep het niet zo hard met de vestiging van bedelaars in de onvrije kolonie. Totdat in 1823 een premie op het hoofd van iedere opgepakte "bedelaar" werd gezet. De kolonie vulde zich hierna snel totdat er zich op een bepaald moment ongeveer 2.000 bedelaars in de schans bevonden. De druk werd zo groot dat ook in Veenhuizen een gebouw tot bedelaarsgesticht werd ingericht. De mannen en vrouwen waren in de onvrije kolonie strikt gescheiden, zelfs wanneer men getrouwd was. Dat de scheiding toch weer niet al te strikt was, mag men afleiden uit het feit dat in de periode dat hier mannen en vrouwen samen verbleven er in totaal 550 kinderen werden geboren. De bedelaars op de Ommerschans moesten hard werken, onder andere op de in totaal 21 ontginningsboerderijen in de omgeving. De kolonisten die hier boerden hadden eerder in de vrije kolonie al bewezen dat ze een boerderij aankonden. Een gebied van 4 bij 2,5 kilometer werd zo door de bedelaars ontgonnen. In de wintermaanden werkte men in de werkplaatsen in de schans zelf. Wie niet werkte kreeg praktisch geen geld en moest maar zien hoe hij aan extra eten kwam. Naast het grote hoofdgebouw kende de Ommerschans daarbuiten ook andere gebouwen zoals een katholieke en een hervormde kerk, een school, gevangenis, ziekenhuisje en een eigen begraafplaats met lijkenhuisje. In 1859 werd de kolonie overgenomen door de regering wegens financiële problemen. In 1893 werd de kolonie opgeheven en verdwenen de laatste bewoners naar Veenhuizen. In 1870 waren de vrouwen en kinderen reeds overgeplaatst. Overzicht stichting en nummering vrije kolonies In volgorde van oprichting: Kolonie 1, Frederiksoord, de proefkolonie met 52 hoeves, gesticht najaar 1818 Kolonie 2, Frederiksoord-2, 50 hoeves aan de andere kant van de Vledderweg, gesticht eind 1819 en begin 1820 Kolonie 3, Willemsoord, 100 hoeves op het Steenwijkerwoldeheideveld, provincie Overijssel, gesticht voorjaar 1820 Kolonie 4, Wilhelminaoord, 100 hoeves ten noorden van Frederiksoord, gesticht voorjaar 1821 Kolonie 5, Ommerschans, de grote hoeves op de gronden rond de vesting werden kolonie 5 genoemd of Ommerschans-Buiten. In de vesting waren gevestigd de strafkolonie en het bedelaarsgesticht, samen vaak aangeduid als Ommerschans-Binnen. In 1859 werd dit alles overgenomen door de staat. Kolonie 6, Oost en West Vierde Parten, ongeveer 100 hoeves, waarvan enkele in de provincie Friesland, op de gronden van de Steggerder Compagnie, gesticht 1821-1822 Kolonie 7, Boschoord of Wateren of Doldersumsche veld, bestaande boerderijen en enkele nieuwe hoeves, gesticht 1822-1823 Hernummering kolonies 1823 - April 1823 worden kolonie 1 en kolonie 2 administratief tot Frederiksoord 1&2 samengevoegd, in de stukken vaak aangeduid als kol 1&2. Hernummering kolonies 1825 - Vanaf 1825 wordt Frederiksoord 1&2 en een deel van Wilhelminaoord omgedoopt tot kolonie 1, Frederiksoord. - De rest van Wilhelminaoord, Oost Vierde Parten en Boschoord worden dan samen kolonie 2, Wilhelminaoord. - Tegelijk komt West Vierde Parten bij Willemsoord wat verder als kolonie 3, Willemsoord door het leven zal gaan. Maatje Kaashoek , geboren op 14 december 1798 in St. Maartensdijk, dochter van Adriaen Kaashoek en Catharina Poot, kleindochter van Anthony Kaashoek en Kaatje Tichon, gedoopt op 16 december 1798 in St. Maartensdijk. Maatje is overleden op 2 september 1830 in Veenhuizen (Ommerschans), 31 jaar oud. Maatje trouwde, 24 jaar, op 16 juni 1823 in St. Maartensdijk, met Cornelis Beeke , 25 jaar, zoon van Willem Beeke en Josina Jacobse Vermaas. Cornelis is geboren op 26 mei 1798 in St. Maartensdijk en is overleden op 22 januari 1831 in Veenhuizen (Ommerschans), 32 jaar oud. Kinderen van Maatje en Cornelis: 1.1. Katharina Beeke, geboren op 23 november 1823 in St. Maartensdijk, gedoopt op 14 december 1823 in St. Maartensdijk. Katharina is overleden op 6 november 1830 in Veenhuizen (Ommerschans), 6 jaar oud. 1.2. Josina Beeke, geboren in maart 1827 in Scherpenisse. Josina is overleden op 10 september 1828 in Scherpenisse, 1 jaar oud. 1.3. Adriana Beeke, geboren op 15 februari 1829 in Scherpenisse. Adriana is overleden op 25 juni 1830 in Veenhuizen (Ommerschans), 1 jaar oud. 1.4. Willem Beeke, geboren op 14 maart 1830 in Ommerschans. Willem is overleden op 6 augustus 1830 in Veenhuizen (Ommerschans), 4 maanden oud. Maatje, Cornelis en de kinderen Katharina, Adriana en Willem liggen begraven op de begraafplaats in Ommerschans. Izaak Page is geboren op 31 maart 1845 in St. Annaland, zoon van Izaak Page en Kaatje Gunst. Izaak is overleden op 22 april 1894 in Veenhuizen, 49 jaar oud. Izaak (1) trouwde, 20 jaar, op 29 september 1865 in St. Annaland met Jannetje van Dijke, 18 jaar, dochter van Jan Rochus van Dijke en Pieternella van der Slikke . Jannetje is geboren op 9 oktober 1846 in St. Annaland en is aldaar overleden op 13 oktober 1872, 26 jaar oud. Izaak (2) hertrouwde, 28 jaar, op 26 november 1873 in Middelburg met Jansje Oberliese, 28 jaar, dochter van Johannes Oberliese en Pieternella van Stavanger . Jansje is geboren op 22 februari 1845 in Vlissingen en is overleden op 23 juni 1886 in Middelburg, 41 jaar oud. 17 mei 1892: opgepakt en in de gevangenis gezet in Den Bosch als landloperij, en kreeg 12 dagen hechtenis dagen later, op 2 juni 1892 is Izaak aangekomen in Veenhuizen, ter oprechting in het Eerste gesticht en is daar na 22 maanden overleden. Kenmerken uiterlijk: lengte:1,67 haar: bruin wenkbrauwen: idem voorhoofd: hoog ogen: blauw neus: stomp mond: gewoon kin: idem baard: bruin aangezicht: ovaal bijzonderheden: weduwnaar Maria Moeliker is geboren op 28 november 1827 in Colijnsplaat, als een van een tweeling Marina, die na 13 dagen is overleden op 11 december in Colijnsplaat. Maria is op 28 januari 1848 overleden in het derde gesticht van Veenhuizen overleden, 20 jaar oud. Maria is een dochter van Kornelis Moeliker, (geboren op 20 juni 1802 in St. Annaland en is aldaar overleden op 20 januari 1857, 54 jaar oud) en van Cornelia Faasse (Fase), (geboren op 5 oktober 1797 in St. Annaland en is overleden op 16 april 1832 in St. Annaland, 34 jaar oud). Jan van Agteren , sr. wordt aangeduid als ‘Jan sr. van Agteren’ kolonistenvader, herkomst: Hoogeveen. Religie: hervormd. Aankomst in Kolonie III, Willemsoord, Steggerda, nr. 156. Jan van Achteren, geboren in 1783 in Hoogeveen, zoon van Jan Jans van Agteren (Achteren) en Geesje Berends Koops. Jan is overleden op 6 april 1824 in Willemsoord, 41 jaar oud. Jan trouwde, 25 jaar, in 1808 in Hoogeveen, met Aaltje Prinsen, 21 jaar, dochter van Gesina Prinsen. Aaltje is geboren op 15 mei 1787 in Avereest en is overleden op 17 november 1830 in Willemsoord, 52 jaar oud. Kinderen van Jan en Aaltje: 1.1. Geesje van Achteren, geboren op 29 november 1809 in Hoogeveen, dochter van Jan van Agteren en Aaltje Prinsen. Geesje is overleden op 23 maart 1883 in Willemsoord, 73 jaar oud. Geesje trouwde, 20 jaar, op 21 mei 1829 in Willemsoord, met Jan Brands, 28 jaar, zoon van Jan Brands en Aaltje de Vries. Jan is gedoopt op 20 februari 1901 in Groningen. Kinderen van Geesje en Jan: 1.1.1. Aaltje Brands, geboren op 3 november 1829 in Willemsoord, dochter van Geesje van Achteren (1.1) en Jan Brands. Aaltje is overleden op 30 november 1905 in Basse (Steenwijkerwold), 76 jaar oud. Aaltje trouwde, 23 jaar, op 31 december 1852 in Steenwijkerwold, met Cornelis Onrust, 29 jaar, zoon van Wiechert Onrust en Neeltje Kaper. Cornelis is geboren op 26 maart 1823 in Koog a/d Zaan en is overleden op 13 maart 1876 in Uvinge (Steenwijkerwold), 52 jaar oud. Kinderen van Aaltje en Cornelis: 1.1.1.1. Wichert Onrust, geboren op 9 maart 1855 in Steenwijkerwold, zoon van Aaltje Brands (1.1.1) en Cornelis Onrust. Wichert is overleden op 19 augustus 1920 in Assen, 65 jaar oud. Wichert trouwde, 38 jaar, op 19 januari 1894 in Smilde, met Marchien de Weerd, 38 jaar, dochter van Jacob de Weerd en Arentien Ekkelkamp. Marchien is geboren op 9 maart 1855 in Assen en is aldaar overleden op 16 maart 1926, 71 jaar oud. 1.1.1.2. Geesje Onrust, geboren op 3 juni 1858 in Steenwijkerwold, dochter van Aaltje Brands (1.1.1) en Cornelis Onrust. Geesje trouwde, 27 jaar, op 12 december 1885 in Weststellingwerf, met Jan Yben, 44 jaar, zoon van Frens Yben en Geesje Yben. Jan is geboren op 4 januari 1841 in Steenwijkerwold. 1.1.1.3. Neeltje Onrust, geboren op 6 februari 1861 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 23 juni 1862, 17 maanden oud. 1.1.1.4. Neeltje Onrust, geboren op 6 november 1862 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 22 november 1872, 10 jaar oud. 1.1.1.5. Hendrika Onrust, geboren op 8 januari 1865 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 13 juli 1867, 2 jaar oud. 1.1.1.6. Jan Onrust, geboren op 15 februari 1867 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 29 april 1887, 20 jaar oud. 1.1.1.7. Cornelis Onrust, geboren op 27 janauri 1870 in Steenwijkerwold, zoon van Aaltje Brands (1.1.1) en Cornelis Onrust. Cornelis is overleden op 13 september 1940 in Marijenkampen (Steenwijkerwold), 70 jaar oud. Cornelis trouwde, 33 jaar, op 25 juli 1903 in Steenwijkerwold, met Marrigje Zomermaand, 18 jaar, dochter van Marten Zomermaand en Johanna Bakker. Marrigje is geboren op 16 september 1884 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 7 april 1963, 78 jaar oud. 1.1.1.8. Neeltje Onrust, geboren op 15 juli 1873 in Steenwijkerwold en is aldaar overleden op 13 juli 1874, 1 jaar oud. 1.1.2. Jantien Brands, geboren op 18 april 1832 in 1832 in Willemsoord en is aldaar overleden op 24 november 1851, 19 jaar oud. 1.1.3. Margareta Brands, geboren op 23 november 1834 in Willemsoord, dochter van Geesje van Achteren (1.1) en Jan Brands. Margaretha is overleden op 5 maart 1924 in Deventer, 89 jaar oud. Margareta trouwde, 28 jaar, op 15 mei 1863 in Steenwijkerwold, met Reitze Boelsma, 31 jaar, zoon van Harmen Reitses Boelsma en Petertjen Jacobs Keizer. Reitze is geboren op 18 februari 1832 in Kuinre en is aldaar overleden op 30 maart 1912, 80 jaar oud. 1.1.4. Gesina Brands, geboren op 24 augustus 1837 in Willemsoord, dochter van Geesje van Achteren (1.1) en Jan Brands. Gesina is overleden op 16 februari 1910 in Vledder, 72 jaar oud. Gesina trouwde, 38 jaar, op 15 januari 1876 in Steenwijkerwold, met Dirk de Ruiter, 40 jaar, zoon van Minne Hanzes de Ruiter en Higje Koerts Oosterloo. Dirk is geboren op 30 juli 1835 in Paasloo en is overleden op 14 juli 1907 in Frederiksoord, 71 jaar oud. 1.1.5. Jan Brands, geboren op 28 mei 1840 in Willemsoord. 1.1.6. Hendrika Brands, geboren op 21 september 1843 in Willemsoord. 1.1.7. Poulus Brands, geboren op 7 april 1846 in Willemsoord. 1.1.8. Trientje Brands, geboren op 10 april 1849 in Willemsoord. 1.1.9. Jantien Brands, geboren op 18 april 1852 in Willemsoord. 1.2. Gesina van Achteren, geboren op 26 november 1814 in Hoogeveen, dochter van Jan van Agteren en Aaltje Prinsen. Gesina is overleden op 2 december 1880 in Willemsoord, 66 jaar oud. Gesina trouwde, 20 jaar, op 25 juni 1835 in Willemsoord, met Karel Lodewijk van der Kleij, 27 jaar, zoon van Gijsbert van der Kleij en Catharina Adams. Karel is geboren op 5 juli 1807 in Delft en is overleden op 23 april 1881 in Willemsoord, 73 jaar oud. Kinderen van Gesina en Karel: 1.2.1. Gijsbertus Mattheus van der Kleij, geboren op 7 februari 1836 in Willemsoord. 1.2.2. Alida Gezina van der Kleij, geboren in 1837 in Willemsoord. 1.2.3. Mattheus Philippus van der Kleij, geboren op 27 februari 1839 in Willemsoord, zoon van Gesina van Achteren (1.2) en Karel Lodewijk van der Kleij. Mattheus is overleden op 20 januari 1892 in Steenwijk, 52 jaar oud. Mattheus trouwde, 37 jaar, op 22 april 1876 in Steenwijk, met Derkje Prins, 30 jaar, dochter van Jan Prins en Maartje de Groot. Derkje is geboren op 8 augustus 1845 in Hellendoorn en is overleden op 30 juli 1891 in Steenwijk, 45 jaar oud. Mattheus (1.2.3) hertrouwde, 52 jaar, op 2 oktober 1891 in Steenwijk, met Geertje Ebink, 46 jaar, dochter van Gerrit Ebink en Hendrika Heinhuis. Geertje is geboren op 3 juli 1845 in Steenwijk en is aldaar overleden op 29 juni 1923, 77 jaar oud. 1.2.4. Jan van der Kleij, geboren op 19 oktober 1840 in Willemsoord en is aldaar overleden op 21 december 1843, 3 jaar oud. 1.2.5. Karel Lodewijk van der Kleij, geboren op 19 oktober 1840 en is aldaar overleden op 30 november 1840, 7 weken oud. 1.2.6. Dina Elisabeth van der Kleij, geboren op 1 november 1841 in Willemsoord en is aldaar overleden op 8 oktober 1843, 23 maanden oud. 1.2.7. Dina Elisabeth van der Kleij, geboren op 5 juni 1844 in Willemsoord en is aldaar overleden op 18 februari 1845, 9 maanden oud. 1.2.8. Catharina van der Kleij, geboren op 14 februari 1846 in Willemsoord en is aldaar overleden op 21 februari 1846, 7 dagen oud. 1.2.9. Jan van der Kleij, geboren op 12 juli 1847 in Willemsoord en is overleden op 7 februari 1904 in Zuidwolde, 56 jaar oud. 1.2.10. Catharina van der Kleij, geboren op 23 oktober 1849 in Willemsoord en is overleden op 5 november 1905 in Delft, 56 jaar oud. 1.2.11. Hendrikus van der Kleij, geboren op 25 juli 1853 in Willemsoord. 1.2.12. Carel Lodewijk van der Kleij, geboren op 25 juli 1857 in Willemsoord. 1.3. Hendrikus van Achteren, geboren op 29 februari 1820 in Hoogeveen, gedoopt op 1 maart 1820 in Hoogeveen en is aldaar overleden op 25 maart 1821, 1 jaar oud. 1.4. Hendrika van Achteren is geboren op 31 januari 1822 in Hoogeveen, dochter van Jan van Agteren en Aaltje Prinsen. Hendrika is overleden op 12 augustus 1860 in Hoogeveen, 38 jaar oud. Hendrika trouwde, 23 jaar, op 29 juli 1845 in Steenwijkerwold met Cornelis Zuidgeest, 23 jaar, zoon van Johannes Zuidgeest en Gijsje Goedhart. Cornelis is geboren op 28 december 1820 in Delft en is overleden op 13 december 1857 in Willemsoord, 36 jaar oud. Kinderen van Hendrika en Cornelis: 1.4.1. Gijsje Zuidgeest, geboren op 9 december 1846 in Frederiksoord en is overleden op 12 november 1864 in Hoogeveen, 17 jaar oud. 1.4.2. Johannes Zuidgeest, geboren op 6 februari 1849 in Frederiksoord. 1.4.3. Adrianus Cornelis Zuidgeest, geboren op 12 november 1851 in Frederiksoord en is overleden op 12 mei 1863 in Klijne Kerksteeg (Hoogeveen), 11 jaar oud. 1.4.4. Henderikus Zuidgeest, geboren op 9 december 1854 in Frederiksoord. 1.4.5. N.N. Zuidgeest, levenloos geboren zoon, op 27 april 1857 in Frederiksoord. 1.4.6. Cornelis Zuidgeest, geboren op 19 april 1858 in Frederiksoord. 1.5. Hendrikus van Achteren is geboren op 26 april 1823 in Hoogeveen, zoon van Jan van Agteren en Aaltje Prinsen. Hendrikus is overleden op 25 januari 1869 in Vledder, 45 jaar oud. Hendrikus trouwde, 31 jaar, op 30 juni 1854 in Vledder met Geertruida Kremer, 36 jaar, dochter van Ede Kremer en Trijntje Huizinga. Geertruida is geboren op 16 oktober 1817 in Zuidbroek. 1.6. Jan van Achteren is geboren op 2 juni 1824 in Westellingwerf (Ruinen), zoon van Jan van Agteren en Aaltje Prinsen. Jan is overleden op 24 november 1887 in Ruinen, 63 jaar oud. Jan trouwde, 33 jaar, op 20 juni 1857 in Ruinen, met Martien Hendriks Roelofs, 34 jaar, dochter van Hendrik Jans Roelofs en Femmigje Hendriks Diphoorn. Martien is geboren op 21 februari 1823 in De Wijk (Ruinen) en is aldaar overleden op 25 april 1906, 83 jaar oud. Kind van Jan en Martien: 1.6.1. Jan van Achteren, geboren op 15 juni 1858 in Stuifzand (Ruinen), zoon van Jan van Achteren (1.6) en Martien Hendriks Roelofs. Jan is overleden op 29 oktober 1945 in Beilen, 87 jaar oud. Jan trouwde, 24 jaar, op 3 maart 1883 in Ruinen, met Jantje Annen, 25 jaar, dochter van Berend Annen en Catharina Post. Jantje is geboren op 14 augustus 1857 in Achterom (Hoogeveen) en is overleden op 6 juni `1923 in Beilen, 65 jaar oud. Kinderen van Jan en Jantje: 1.6.1.1. Marchje van Achteren, geboren op 3 september 1883 in Tiendeveen. 1.6.1.2. Berend van Achteren, geboren op 27 november 1886 in Tiendeveen. 1.6.1.3. Jan van Achteren, geboren op 5 februari 1891 in Tiendeveen. 1.6.1.4. Catharina van Achteren, geboren op 12 september 1893 in Tiendeveen. 1.6.1.5. Jantje van Achteren, geboren op 20 februari 1897 in Wijster. De begraafplaats van Veenhuizen werd cynisch het Vierde gesticht genoemd. Het kerkhof ligt ver buiten het dorp en de gestichten. Een gedicht van Ruurd Faber: (uit: Veenhuizen, één, tweeie). Acht lotgenoten bewezen hem de laatste eer en lieten hem in de diepe zandkuil neer. De dominee bad het Onze Vader aan zijn graf de administratie voerde hem van de sterkte af. In een zwartgeverfde, vurenhouten kist Rust hij nu, die door niemand wordt gemist. Op het ‘vierde’ kwam er weer een bij ‘t werd nummer tien op de zesde rij.
kaashoekgenealogie.nl kaashoekgenealogie.nl kaashoekgenealogie.nl - foto: © Wim kaashoekgenealogie.nl kaashoekgenealogie.nl kaashoekgenealogie.nl kaashoekgenealogie.nl