Cornelis
Crijnsz
Quist
is
boer
in
de
oude
Kempenhofstedepolder
aan
Popckenshoek,
wethouder
en 'armmeester'.
Cornelis
is
niet
altijd
makkelijk
en
hij
heeft
ook
wat
problemen
als
boer.
Hij
krijgt
ruzie
met
Isaac
Clementse
waardoor
hij
niet
kan
deelnemen
aan
het
Avondmaal/Communie.
Hij
heeft
ook
problemen
met
baron
Aerend
Tuyll
van
Serooskercke
over
het
eigendom
van
land
en
moet
geld
lenen
met
wat
land
als
garantie.
Cornelis
Crijns
is
te
Stavenisse
huurder
van
tienden
(kavels
land)
van
1624
t/m
1661
en
staat
borg
voor
andere
huurders
van
1624
t/m
1660.
(Stavenisse,
Raze
5936).
Cornelis
Quirijnsen
Quist
en
zijn
zoon
Johannis
Cornelisse
Quist
verklaren
op
21
oktober
1656
schuldig
te
zijn
aan
hun
pachtheer
Mr.
Marynis
Stavenisse
een
bedrag
van
£
132:13:4
vls.
à
penninck
sestien.
Onderpand:
alle
eigen
landen
in
Kempenshofstede
in
Popkenshoeck
en
in
de
Lantblock
alsmede
alle
erfpachtlanden
en
dijken.
(Stavenisse,
Raze 5899-42v).
Op
20
januari
1659
wordt
beslag
gelegd
op
de
goederen
van
Cornelis
Crijnse
Quist,
in
verband
met
het
in
gebreke
blijven
van
het
betalen
van
statepenningen
over
het
jaar
1656
en
1657
groot
£14:14:3:6 m vls. (Stavenisse, Raze 5899-100).
Kopie
van
koopovereenkomst
d.d.
20
januari
1659,
w.g.
Cornelis
Crijnse,
Johannis
Cornelisse
Quist,
Jeremias
Cornelisse Quist (Stavenisse, Raze 5899-118v). Crijnse
Cornelis
Quist
verklaart
op
27
juni
1659
schuldig
te
zijn
aan
de
erfgenamen
Tanneke
Mels
sal.
£
22:0:0
vls.
(Stavenisse, Raze 5899-110).
Op
11
maart
1660
worden
goederen
van
Cornelis
Quirijnsen
Quist
door
de
deurwaarder
verkocht
in
verband
met
het
in
gebreke
blijven
van
betaling
van
achterstallige
statepenningen
groot
£5:3:10:12
m
vls.
(Stavenisse,
Raze
5899-123).
Cornelis
Crijnse
Quist
verkoopt
(transport
16
maart
1660)
een
hoeveelheid
land te Kempenshofstede.